Middelburg: wederopbouw

De wederopbouw van het stadshart van Middelburg was een gigantische opgave. Burgemeester Van Walré de Bordes leek niettemin optimistisch: ‘Middelburg kan mooier opgebouwd worden dan het is geweest!’ Bij iedere vorm van planmakerij was men echter wel bijzonder afhankelijk van de opstelling van de Duitse bezetter

herbouw krantenkop krantenkop2
markt1 markt2

Werklozen helpen bij puinruimen
Mburg puinruimenDirect na de ramp wordt alles in het werk gesteld om de gas-, water- en elektriciteitsvoorzieningen te herstellen. Het college van Burgemeester en Wethouders van Middelburg besluit zo snel mogelijk de verwoeste panden en het puin te onteigenen en te laten ruimen. Vanwege de toenemende werkloosheid worden bij het sorteren en schoonmaken van puin werklozen ingezet. In juni zijn praktisch alle werklozen in de gemeente Middelburg aan de slag. Daarvan werken er zo’n 300 aan het puinruimen en sorteren. Allereerst worden de straten puinvrij gemaakt. Gevels van panden die nog overeind staan en waard om te behouden, zoals de gevels van het stadhuis aan de Markt en de Provinciale Bibliotheek in de Lange Delft, worden gestut. In totaal wordt 85.000 m3 puin geruimd en Middelburg moet daarvoor 350.000 gulden zelf betalen.
(Bron: Zeeuws archief)

 


Direct na het bombardement begint men met de wederopbouw. In de binnenstad verrijzen al snel de eerste woonwinkelpanden. Het eerste herbouwde pand is Sint Janstraat 9. De gevels van veel wederopbouwpanden in de binnenstad bevatten een gedenksteen met de beeltenis van de adelaar uit het Middelburgse stadswapen. Onder zijn poten brandt vuur: Middelburg als een feniks uit zijn as herrezen. Tijdens een algehele bouwstop in de zomer van 1942 mogen alleen de gebouwen waaraan voor die tijd is begonnen worden afgemaakt. De panden aan de Markt en de Nieuwe Burg worden tijdens de oorlogsjaren voltooid, evenals veel panden aan het nieuwe Plein 1940. Belangrijke monumentale panden, zoals het stadhuis en de abdij, worden gerestaureerd en uitgebreid. Sommige panden verdwijnen voorgoed uit het stadsbeeld. Ook de schuttersdoelen Sint Joris aan de Balans wordt afgebroken. Daarvoor in de plaats verrijst eind jaren zestig een getrouwe reconstructie. Op de voormalige Wal verrijst het bejaardenhofje Onder den Toren en aan de Groenmarkt een nieuw Polderhuis. De verwoeste Rooms-katholieke kerk en de Waalse kerk worden niet herbouwd. Op de hoek van de Lombardstraat en de nieuwe straat Bachtensteene komt een nieuwe katholieke kerk en in de Lange Noordstraat een katholiek bejaardentehuis. Op de plaats van het Oostindisch Huis aan de Rotterdamsekaai en aan de Rouaanse- en Dwarskaai worden eigentijdse woonhuizen gebouwd.

Volgens stedebouwkundige-architect Pieter Verhagen moest de wederopbouw behoedzaam worden uitgevoerd:- het restaureren van rijksmonumenten, maar het aanpassen van hun omgeving- modernisering van de stadsplattegrond- het streven naar een verbeterd verleden in de historische stadsplattegrond vanuit het perspectief van de wandelaar- de oude stad werd weliswaar tot uitgangspunt genomen, maar in de vernieuwde stad stond het concept van de 'Middelburgse sfeer' centraal. Het zaaide ook twijfel: welke visuele elementen waren kenmerkend voor deze 'sfeer'?


 

noodwinkelsNoodwinkels
Doordat er veel winkels in de verwoeste binnenstad waren, zijn veel middenstanders alles kwijtgeraakt. Niet alleen hun huis, dat vaak bij de winkel hoorde, maar tevens hun bron van inkomsten. De Boterbeurs op de hoek van de Bogardstraat is volledig verwoest. De botermarkt wordt verplaatst naar de Graanbeurs, waar al snel weer boerinnen hun zuivelproducten en eieren te koop aanbieden. De donderdagse weekmarkt, die normaliter altijd op de Markt werd gehouden, wordt verplaatst naar de Dam, bij het monument voor Koningin Emma. Aangezien de ruim 200 getroffen middenstanders snel weer aan de slag moeten om in de behoefte aan levensmiddelen en andere goederen te kunnen voorzien, besluit de gemeente zo spoedig mogelijk noodwinkels te plaatsen.
Op 22 augustus 1940 vindt de officiële opening van alle noodwinkels plaats: 52 gemeentelijke winkels en 12 die voor particuliere rekening zijn gebouwd, waarvan één in steen. Later dat jaar worden nog meer noodwinkels gebouwd. De noodwinkels zijn in de jaren vijftig afgebroken.

Seyss-Inquart beschouwde het herstel van de verwoeste steden als een zaak van nationaal belang. Dr. ir. J.A. Ringers werd regeringscommissaris voor de Wederopbouw. Op Walcheren werd mr. dr. R.W. graaf van Lynden zijn vertegenwoordiger. De centrale Haagse regie onder leiding van Ringers had tot gevolg dat deze niet gehinderd werd door de plaatselijke politieke verhoudingen. In de discussie rond de bouwplannen werden de Middelburgers amper gehoord en zo konden zaken gemakkelijk geregeld worden zonder inspraak- of beroepsprocedures. Tijdens de bezettingsjaren kon bijvoorbeeld door de nationale onteigeningspolitiek de herverkaveling van de binnenstad gerealiseerd worden.

Bekijk de fotopresentatie:

Noodwinkel_Papegaaij-8
Noodwinkels-1
Noodwinkels-2
Noodwinkels-3
Noodwinkels-4
Noodwinkels-5
Noodwinkels-6
Noodwinkels-7

Het winkelraam in de Middelburgse straten

Een architect schrijft ons:
Het karakter van de stadsvorm is gesloten. Bijna alle straten sluiten zichzelve aan den gezichtseinder dicht. Ook de huizen hebben een gesloten karakter, doordat een veelheid van witgeschilderde glasroeden het glasvlak dat als een zwart gat in den muur werkt, verlevendigt en de muurdammen aan elkaar verbindt.
Juist dàt zou den winkelier beletten zijn waren de te verkoopen. Zijn zaak moet niet gesloten, maar open zijn. Zijn waren moeten ten toon gespreid worden voor den kooper. Dit onderschrijf ik ook, maar mag ik U opmerkzaam maken dat Uw waren evengoed uitgespreid kunnen worden achter vitrines met glasschijven van 1.20 m breed, gescheiden door een roede van 2 cm. Mag ik U vooral waarschuwen voor plompe opdringerigheid. U weet evengoed als ik dat een etalage met één hoed in juist gekozen kleurschakeeringen meer effect maakt dan een ordelooze opeenstapeling van galanterie-artikelen . Laat de winkelier voorgaan in sier en goeden snraak en laat hij zijn klanten winnen door zijn goeden naam, meer dan door overrompeling, want een eenmaal in de val geloopen klant komt niet weer terug. Gun den Middelburgschen kooper het genoegen in Uw fijn gedetailleerde vitrine met ranke glasroede Uw artikel te bezien. Draagt Uw architect op Uw gevel zoo fijn mogelijk te verzorgen en raadpleeg hem over Uw reclame. U zult dan zien dat het uiterlijk van Uw winkel opvalt en men er U over spreekt. Voor concurrentie behoeft U niet te vreezen. Uw buurman is gebonden door dezelfde eischen. Uw noodwinkels hebben ook een roede-indeling. Gaat Uw koopersaanval daardoor achteruit?
Wat zoudt U beginnen als Middelburg haar ouden roem verloor? Het zou een doode stad worden zonder nering.
Werkt U mede den roem Uwer stad hoog te houden !


Mburg 11061940 Walré SsInquartBij de wederopbouw ging men uit van een traditionele bouwstijl in de trant van de Delftse School. Er werd aandacht besteed aan ieder afzonderlijk te bouwen pand. De bouwstijl moest in overeenstemming zijn met de niet-getroffen delen van de binnenstad. Er is daardoor geen breuk met de historische binnenstad en de bezoeker heeft het gevoel in oude straten te lopen, al zijn ze naoorlogs. Men introduceerde in de herbouw het begrip zichtlijnen. Dat betekent bijvoorbeeld dat men staande op de Markt de Nieuwe Kerk moest kunnen zien. Het had tot gevolg dat het middeleeuwse stratenpatroon voor een deel verdween. De Lange Burg verdween na 1100 jaar van de kaart. Deze straat werd vervangen door de Nieuwe Burg, die een volledig nieuw beloop kreeg. Een nieuwe zijstraat hiervan werd de Nieuwe Wal genoemd, niet te verwarren met de vooroorlogse Wal, die noordelijker gelegen was. Direct grenzend aan de Nieuwe Wal werd het Walplein aangelegd; het zou ruimte gaan bieden aan auto's van bezoekers aan de binnenstad. Men verlegde alle rooilijnen van de Markt, uitgezonderd het deel tussen Pottenmarkt en Vlasmarkt. De Markt, die oorspronkelijk een trapeziumvorm had, werd rechthoekig door de bouw van een extra huizenblok. Vóór de oorlog stond het Stadhuis recht op de (Grote) Markt; sinds de herbouw na de oorlog staat het Stadhuis door de verkleining van de Markt scheef op het plein. Aan de westkant creëerde men een nieuw plein, Plein 1940, waar de bussen konden gaan rijden. Door het verleggen van een deel van de Gravenstraat ontstond het Zusterplein. Ten behoeve van de doorstroming van het verkeer werd de Zusterstraat verlengd richting Korte Geere. De aanleg van de Stadhuisstraat, dwars door de Sint Sebastiaanstraat, had tot doel de doorgang mogelijk te maken richting de Abdij. Tevens ontstond hierbij de Bodenplaats. Bachtensteene werd aangesloten op de Groenmarkt.

(Bron: Wikipedia) Foto: Burgemeester Van Walré de Bordes in gesprek met Seyss Inquart over de wederopbouw


getroffen-winkeliers3

wederopbouw1
Klik hier voor lijst 1 en klik hier voor het vervolg lijst 2 Klik hier voor het gehele artikel
alg 1940 StgZeeland mbrg procl mei1940

Doelmatiger opbouw5

 

Opgericht is: Stg Zeeland 1940 20 mei: Verklaring van de burgemeester Aldus de conclusie van de Bond Heemschut in zijn maandblad 'Heemschut' nummer 6/7, 1940