Mei 1940

Mobilisatie 1939 Wasserhindernisse 39 40 Troepenlegering april1940
1939: Mobilisatie (Gezagsgebied Commandant Zeeland) Duitse kaart (1939-1940): Wasserhindernisse Troepenlegering: situatie april 1940

Op 10 mei werd begonnen met de voorbereiding van de inundaties en de evacuatie van de bevolking van Zuid-Beveland ten oosten alg 10mei1940 van de Zanddijkstelling.
In Londen opende de Nederlandse marine-attaché een verzegelde envelop met daarin een instructie om aan Engeland steun te vragen. Als minimum werd aan Engeland verzocht: één divisie, luchtafweergeschut en vliegtuigen ter verdediging van Zeeland. Aan dit verzoek werd niet voldaan. De eerste oorlogsdag verliep verder relatief rustig. De vliegvelden van Oost-Souburg en Haamstede werden vanuit de lucht gebombardeerd en met mitrailleurs beschoten en er vielen brandbommen op het terrein van de scheepswerf De Schelde.
Vanaf 10 mei kwamen Zuidfront-1940 verschillende Franse troepen, onder leiding van de Franse admiraal Charles Platon, in Zeeland aan. In de namiddag van 10 mei trok de Franse gemotoriseerde Groupement Bauchesne Zeeuws-Vlaanderen binnen en stak vervolgens bij Breskens de Westerschelde over. Op 11 mei waren zij in westelijk Noord-Brabant aangekomen. Daarnaast landde op 11 mei over zee aangevoerde Franse infanterie met artillerie in Vlissingen en zowel in west- als oost-Zeeuws-Vlaanderen verscheen een Franse infanteriedivisie onder leiding van de generaals Deslaurens en Beaufrère. De doelstelling van de Fransen was de beveiliging van de Scheldemonding en het creëren van aansluiting met het geallieerde front in België.Op 11, maar vooral op 13 mei , trokken gedemoraliseerde troepen vanuit de Peel Zuid-Beveland binnen. Hun uitwerking op het moreel van de Nederlandse troepen in Zeeland was funest. Pas op 14 mei konden deze nieuwkomers worden overgebracht naar Noord-Beveland, maar het kwaad was toen al geschied. Ook kwamen Nederlandse afdelingen vanuit Noord-Brabant via België in Zeeuws-Vlaanderen aan. Een gedeelte werd naar Walcheren overgebracht.

De Vlissingse haven en het marineterrein zijn de belangrijkste Duitse doelen in Zeeland. Het militaire vliegveld Souburg wordt op 10 mei 1940 al om half vijf ’s ochtends aangevallen door drie Messerschmitts 110. Bij het Goessche Sas wordt een van deze vliegtuigen neergeschoten.
Franse troepen ontschepen in Duinkerken om Nederland te hulp te schieten. Op 11 mei komen de Franse schepen Newhaven, Diligente en Pavon met versterkingen aan in Vlissingen. Nederlandse mariniers graven zich daar in bij de buitenhaven. Dit om komende konvooien te kunnen beschermen tegen Duitse luchtaanvallen. Op zondag 12 mei wordt voor het eerst de Vlissingse binnenstad en het havengebied gebombardeerd. Later wordt een Messerschmitt 110 neergehaald. Als gevolg daarvan raakt het Vlissingse station zwaar beschadigd. De Duitsers stoten door naar Zeeland.

Lees wat dr. L. de Jong over deze eerste dagen van de oorlog in Zeeland schrijft.
Meer over de geallieerde - vooral Franse - strategie leest u hier.


Duitse-aanval-1940

J.N. Houterman beschreef in 'Deutschland overwint Zeeland' in 1991 de verdediging van Zuid-Beveland en Walcheren als volgt: 'De verdediging in Zeeland werd in de meidagen gekenmerkt door wisselende bevels-verhoudingen en onderling slechte verstandhoudingen. Het stemmings- beeld zoals dat in publikaties van de laatste jaren sterk naar voren is gekomen, is dan ook Nederlandse zijde met de volgende kernbegrippen te karakteriseren: falende leiding, minimale stemming en motivatie, slechte coördinatie. Het beeld van de Fransen zal hierbij aansluiten, waarbij echter aangetekend moet worden dat dit echter nog nooit goed is onderzocht, terwijl dit toch zeker een studie waard is...'" Hij wijst erop dat uit zijn studie een vollediger, hoewel nog steeds niet geheel volledig beeld, wordt verkregen betreffende '... de uitgangspunten van de Duitse bataljons voor het overzetten over het Kanaal door Zuid-Beveland en de tijdstippen van aanval op de Sloedam..' dan uit de werken van Kamerling/Stuvel, De Bree en Van den Doel.
Bron: Dr. F. Snapper, Mars et Historia

Franse en NL soldaten 1940

 

Franse en Nederlandse soldaten (1940)


Franse ondersteuning

Ook in Zeeland werd een aantal Franse troepen aan land gezet. Dit waren de 60ième Division d'Infanterie van Général de brigade Marcel Deslaurens en de 68ième Division d'Infanterie van Général de brigade Beaufrère. Deze laatste divisie stond echter onder het bevel van de Commandant et chef des forces maritimes du Nord, Amiral Jean-Charles Abrial. Op Walcheren werd hiervan vooral het 224ième Régiment d'Infanterie van Général de brigade Durand geplaatst. Deze laatste arriveerde op 11 mei bij Van der Stad en beide heren hadden al gelijk onenigheid over de te voeren verdediging. De Fransen hadden geen enkel vertrouwen in de door de Nederlanders opgeworpen stellingen. Durand ging uit van een Duitse aanval over water vanuit Tholen en hij posteerde daarom dan ook zijn troepen langs de noordkust van Zuid-Beveland en tussen de steden Middelburg en Vlissingen. Om toch wat eenheid te krijgen, werden de Nederlandse troepen onder zijn leiding geplaatst en werd de gehele 68ième Division d'Infanterie geplaatst onder het 1ière Corps d'Armée.

Toen op 14 mei hier nog eens het nieuws van de algehele capitulatie van het Nederlandse leger overheen kwam, leek het hek van de dam. De commandant van de troepen in Zuid-Beveland, reserve-luitenant-kolonel Bruins wist zijn troepen echter tot de orde te roepen. Hij kreeg hierbij een steuntje in de rug door de aanvoer van nieuwe Franse troepen. De nacht ervoor waren namelijk de 68ième Groupement de Reconnaissance de Division d'Infanterie, het 271ième Régiment d'Infanterie en twee afdelingen van het 307ième Régiment d'Artillerie op Zuid-Beveland aangekomen. Wederom echter namen deze troepen geen stelling in aan de Zanddijkstelling, maar aan de noordkust en langs het Kanaal door Zuid-Beveland. AL met al zorgden deze versterkingen er toch voor dat de rust onder de Nederlandse troepen weer enigszins terugkeerde. Samen met het bericht dat de Nederlandse troepen in Zeeland door mochten vechten omdat ze onder Frans bestuur stonden, kon zo toch een zekere verdediging worden opgebouwd.

Sloedam Duitsers in de aanval
 De Sloedam na de gevechten  Duitsers in de aanval

Door de nieuw gearriveerde Franse troepen diende de organisatie ook opnieuw te worden bezien. Général de Brigade Maurice Beaufrère kwam hiervoor op 15 mei aan op het hoofdkwartier in Middelburg. De activiteiten die de Franse bevelhebber Général de Brigade Mary Durand in Zuid-Beveland had ondernomen, werden door Général de Brigade Beaufrère met groot wantrouwen bekeken. Général de Brigade Durand had volgens hem veel te weinig maatregelen genomen om tot een goede verdediging te kunnen komen. Hij werd dan ook terstond vervangen door Général de Brigade Marcel Deslaurens, die op 16 mei het bevel overnam van alle troepen op Walcheren en Zuid-Beveland.

Bron: Go2war2 Lees meer ...


12 mei

Het was 15.30 u geworden toen overste Themann in Bergen op Zoom aankwam en het Stafkwartier van de Peeldivisie opzocht. Daar vernam hij dat kolonel Schmidt was vermist. Kapitein Geus verzocht hem toen het commando over de divisie op zich te nemen, waarin hij toestemde. Kort daarop reed hij met het grootste deel van zijn staf naar Middelburg en meldde zich om 17.30 u bij Commandant Zeeland. Deze geeft van de aankomst van de Peeltroepen het volgende verslag '... het was een horde, van alles door elkaar: op fietsen, op vrachtwagens, te voet, munitiewagens, officieren zonder troepen, anderen met wapens, ook mitrailleurs. Volgens overste Themann die zich volkomen overstuur bij mij meldde, hadden ze 'gevochten als leeuwen', niemand was echter gewond; het geheel maakte dan ook meer de indruk van gevluchte dan van verslagen troepen; blozend en welvarend, lachend, lawaaierig, grapjes makend en niet bleek gebroken, terneergeslagen en uitgeput; alleen sommige officieren waren somber en moedeloos. Verschillende van deze mensen vertelden op de vraag, wat zij hier kwamen doen, dat zij de order hadden gekregen terug te trekken op Zeeland' Deze opmerkingen van schout-bij-nacht van der Stad geeft aanleiding tot de volgende opmerkingen. Zowel hij als overste Themann hebben gelijk. Wat het laatste betreft is er de Duitse
 
verklaring, dat de Hollanders hadden getoond te kunnen vechten. Maar toen de troep zich vanaf de ZuidWillemsvaart moest terugtrekken, langs open wegen, zonder enige bescherming tegen Duitse luchtbombardementen, ontaardde deze terugtocht in een vlucht. Dat de officieren vermoeid en gedeprimeerd waren behoeft geen verwondering te wekken. De meesten van hen waren gedurende de afgelopen dagen gedurig in de weer geweest. De verbindingsmiddelen had men voor het overgrote deel in de Peel-Raamstelling moeten achterlaten. Soms slaagden de officieren, na heel veel moeite, hun eenheden terug te vinden en sloot men zich aan bij andere militairen. De nachtrust was er veelal bij ingeschoten en men realiseerde zich een zware nederlaag te hebben geleden. Beide officieren waren het er over eens dat het de taak van Themann was de in Middelburg uit de Peel terugvloeiende troepen onder zijn bevel te nemen. Een uitdrukkelijk bevel heeft de Commandant Zeeland hiervoor niet gegeven.
Bron: Dr. F. Snapper, Mars et Historia


Meer over de Zanddijkstelling op de volgende pagina


Zoals bekend had op 14 mei, om 16.50 uur de Opperbevelhebber Land- en Zeemacht zijn onderbevelhebbers, geseind dat gecapituleerd moest worden. Kort daarvoor had Commandant Zeeland het bericht gekregen, dat die order niet voor Zeeland gold. Maar toen omstreeks 19.00 uur generaal Winkelman het bericht van cle capitulatie, over de radio meedeelde werd dit uiteraard ook door de strijdkrachten in Zeeland gehoord. Het maakte ook hier, evenals elders in het land een verpletterende indruk. Maar in die radiorede werd er geen gewag van gemaakt dat die capitulatie niet voor Zeeland gold.
Schout-bij-nacht Van der Stad, Commandant Zeeland zal op dat ogenblik in gesprek met de Franse schout-bij-nacht Platon zijn geweest en de officieren van het stafkwartier Commando Zeeland zullen hem niet hebben willen storen, maar wilden zelf geen besluit nemen. Op dat ogenblik kwam de commandant-2e zelfstandige zoeklichtensectie tegen luchtdoelen, eerste luitenant der Genie P.A.A. Willemse op het stafkwartier. Deze stond rechtstreeks onder Commandant Zeeland. Voor hem was de zaak heel eenvoudig. Kort tevoren had generaal Winkelman bekend gemaakt dat hij nimmer bevelen en berichten per radio zou geven. Derhalve was dit bericht vals en het Commando Zeeland liet dat omroepen.
Bron: Dr. F. Snapper, Mars et Historia

In de morgen van de 15e mei begon de Duitse aanval op Zuid-Bevelend en Walcheren. Een aanvalseenheid, die voornamelijk bestond uit de ss Standarte 'Deutschland' onder leiding van ss Standartenführer Felix Steiner kreeg het bevel over Goes naar Middelburg door te stoten. Ongehinderd konden de Duitsers door de Bathstelling trekken waardoor de voorhoede van de ss Standarte reeds om 08.00 uur de in het geïnundeerde terrein van de Zanddijkstelling liggende Tholseindsche Dijk bereikte. De Nederlandse troepen op deze dijk reageerden bijzonder alert: de commandant van de 38. Compagnie mortieren, reservekapitein H. de Groot, gaf direct bevel het vuur te openen, "hetgeen door den  vijand onmiddellijk beantwoord werd. Ons vuur belette den vijand naderbij te komen. Het mitrailleurvuur uit het Kaasgat en het vuur van het Pag [pantserafweergeschut] werd onmiddellijk ondersteund door het vuur der mortieren, nog voordat ik gelegenheid had om daartoe op een of andere manier order te geven."
Inmiddels begon de gearriveerde Luftwaffe de Zanddijkstelling hevig te bombarderen, waardoor sergeant A.N. Westdijk, de commandant van de  lichte mitrailleurgroep in het Kaasgat, dodelijk getroffen werd. Desondanks wisten de Nederlanders hier de Duitse opmars tot staan te brengen. Bij de achter het Kaasgat liggende bezetting van de Zanddijkstelling was echter ondanks dit succes inmiddels het moreel zeer slecht geworden, mede door de indruk die de Duitse vliegtuigen maakten. In het vak van de 1e compagnie van III-38 RI vluchtten de meeste soldaten volkomen gedemoraliseerd en in paniek in de richting van het Kanaal door Zuid-Beveland.

Bron: Mei 1940 (4e druk-2012)


 Zeeland-1940

Demolition parties

Het Verenigd Koninkrijk stuurde zogenoemde Demolition Parties naar Nederland. De Demolition Parties hadden als codenaam 'XD Operations'. Het doel van deze geheime operaties was de vernietiging van olieopslagplaatsen, om te voorkomen dat olievoorraden in Duitse handen zouden vallen. Kleine groepen van de Kent Fortress Royal Engineers vertrokken daarom op 10 mei 1940 vanuit Engeland naar Hoek van Holland, IJmuiden en Amsterdam. Naar Vlissingen vertrok op 10 mei eveneens een dergelijke groep (Parry C in Operation XD). Het betreft hier echter geen landmachtmilitairen, maar marinemensen, onder leiding van Commander Peter Grenville Lyon Cazalet (1899-1982). Cazalet, die het later tot Sir en viceadmiraal zou brengen, heeft van zijn verblijf in Vlissingen nauwkeurige aantekeningen bij gehouden.
Lees meer.
Bron: Middelburg, het vergeten bombardement

During the course of the day an English destroyer [HMS Verity] berthed in Vlissingen harbour unloading a demolishing party under commander Cazalet. They were received with a lot of sepsis. The Dutch and French were quite stunned that all the British appeared to make free from their (alleged) considerable army was nothing more than a squad of demolition-engineers that were only prepared to blow up all what could be of value to the Germans.
Lees meer.
Bron: War over Holland

 

Foto: Peter Cazalet
Peter Cazalet2