Dijkgat Westkapelle

Het zijn de oude inheemsche ambachtslieden geweest, wier liefde voor hun vak zoo menig mooi bouwwerk tot stand heeft gebracht in ons vaderland. Het is ook weer een ambachtsman, gesproten uit het oude Westkapelle, die de eerste schets heeft gemaakt voor een nieuw Westkapelle. Hij heeft bij het maken van deze schets gevoeld den geest en de sfeer van Westkapelle. Hij heeft gevoeld het verschil in samenwerking tusschen Arke, Zuidstraat, Koestraat, Noordkerkepad. Hij heeft begrepen, dat ondanks de uiterlijke eenheid in Westkapelle er stroomingen, klassen en richtingen bestaan, die wenschen in deze karaktervolle gemeente in hun eigen sfeer te leven. Vandaar dat dit nieuwe plan voor Westkapelle in den waren zin des woords doordrenkt is van hetgeen dit dorp voor een goeden wederopbouw zoo dringend van noode heeft.
Ik ben er van overtuigd, dat het herrijzende Westkapelle zich zal weten aan te passen aan deze nieuwe omstandigheden. De vorm van het dorp zal volkomen gewijzigd moeten worden evenals zijn begrenzing. De straten zullen wat anders loopen, de beroemde dijk wordt eenigszins verlegd en ook het landschap achter de duinen zal men nauwelijks herkennen. Maar wat niet zal veranderen dat is de sfeer van dit dorp en ook in groote trekken de geestesgesteldheid van de bewoners. Deze zullen ondanks alles, dat hebben zij getoond, trouw blijven aan en blijven houden van Westkapelle, hoe het ook gebouwd en hoe het ook gelegen mag zijn.
Bron: A.F.C. de Casembroot, burgemeester van Westkapelle in: Zeeland in bewogen dagen.
Lees de gehele tekst van 'Westkapelle in de toekomst'.


Eerst de dijk dicht!

Westkapelle strandVoordat de toekomstideeën en vergezichten van de burgemeester over Westkapelle bewaarheid kunnen worden, zal de dijk herstel moeten zijn. De dijk ligt ,,op stormstreek" ; bij wester- en noordwesterstorm is dit het sterkst bedreigde punt van de geheele Nederlandsche kust.

De geheele Westkappelse zeewering is ongeveer 4 k.m. lang, 500 meter ervan is weg, grootendeels in den afgeloopen winter uitgespoeld. De toestand van het niet weggespoelde deel is zoodanig, dat elke polderopzichter in normalen tijd geen nacht rustig zou slapen, als hij met zoo'n dijk den winter in moest. Overal bomkraters, de dijk voorloopig ontoegankelijk door de landmijnen, waarmede hij bezaaid is. Op den dijk reusachtige betonnen kazematten en geschutsopstellingen met metersdikke muren, door de zware bommen en door beschieting uit zee ten deele in puinhoopen veranderd. Kraters met een middellijn van 30 meter hebben hieren daar het binnentalud zwaar aangetast. De ongunstige ligging van den dijk vlak aan open zee maakt het onmogelijk zooals elders één of meer zandzuigers aan de zeezijde te stationneeren; in een verder stadium van het werk is het niet mogelijk de groote kleikraan hier te gebruiken.

Den 28en Mei wordt door de noordgeul een baggermolen naar binnengesleept Deze baggert aan de binnenzijde van den te maken inlaagdijk een put, waarin enkele weken later, nadat de molen weer vertrokken is, de H.A.M. 203, een grondzuiger van respectabele capaciteit met een drijvende persleiding, wordt neergelegd. Als het bedrijf volop draait verzet deze zuiger 80.000 m3 per week ! Begin Augustus zijn de perskaden en het droge dijkgedeelte de sluitgeul genaderd  en wordt begonnen met de versterking van de oevers der geul met stortsteen, als voorbereiding voor de blokkeering. Intusschen is men reeds wekenlang doende een grondbezinking in de geul aan te brengen; 20 Juni ging het eerste stuk naar beneden en half Augustus is het voorgenomen zinkprogramma zoo goed als voltooid. Alles wordt er nu op gericht begin September te sluiten. Het is vooral hier belangrijk niet te laat in 't seizoen te komen en de tijd dringt.

En dat werk aan de nieuwe dijk bracht de revolutie. Westkapelle werd veroverd door de vreemdelingen, en ook in het dorp zelf verdween alle onderscheid. Van oudsher mocht geen Westkappelaar, die land bezat, zijn poten naar de dijk uitsteken; petten met krullen en boezeroens met gouden knopen hoorden achter de mestkar of onder de koe. Maar het land van de boeren was verdronken; er kwam volk te kort, en daarom moest de oude zede opzij worden gezet, tijdelijk dan. Alleen werd het op die manier een slordige bende; en hoe verder het jaar vorderde hoe slordiger het dorp er ging uitzien. Er kwamen timmerlui van de Waterstaat om een barakkenkamp te bouwen, in de luwte van het laatste stuk dijk, vlak voor het gat. Aan de ene kant van de weg, acht sobere Nissenhutten, een keet voor den uitvoerder, en een keetje voor de tijdschrijvers; aan de andere kant een magazijn,  een cantine, een grote eetbarak, met de keuken achterin, een barak voor de rijswerkers, die natuurlijk weer apart wilden wonen, en een Directiekeet.
De tussenkomst van al die vreemden had hen vernederd tot de rol van de houwers en waterdragers, waarvan de Bijbel sprak; maar ze deden hun nederige werk met trotse gezichten. Wie hen vriendeIijk en met respect tegemoet trad, kon op vriendelijkheid rekenen; de anderen zouden wel zien wat er gebeurde. De hulppolitie moest er de hand aan houden, dat alleen het volk zelf op de dijk kwam; een ongeluk was gauw gebeurd. De volgende dag dreigden de Westkappelaars met staking. Geen vrouwen en kinderen op de dijk - dan wij ook niet. En dezelfde dag was de steenglooiing weer gegarneerd met kanten mutsen en zwierende rokken. Het was hun dijk; de vreemden mochten eraan helpen, maar daar bleef het bij.

Uit: Het verjaagde water

Er wordt nijdig aangepakt; ook hier wordt op Koninginnedag doorgewerkt en op dien feestdag is bet verloren terrein weer terug gewonnen. In de daarop volgende week slaagt men er in de sluitgeul te versmallen tot een breedte van 65 meter.  Ook hier neemt de maximaal optredende stroomsnelheid toe, naarmate de opening nauwer wordt. Er ontstaan verontrustende verdiepingen naast de grondbezinking en de bezinking zelf vertoont verzakkingen, zoodat de directie de blokkeering, zooals deze oorspronkelijk was gedacht, niet aandurft. Het gat kan zoo niet dicht. Er gaat een gegrom door Westkapelle. Waterstaat en M.UZ, zijn in deze dagen niet populair, Het woord ,,sabotage" doet opgeld. ,,Hebben we daarvoor dag en nacht geploeterd ?"

Spoor-door-Domburg

Westkapelle zandzakkenstort 1945 1945 Westkapelle dijkherstel caissons

[Klik op foto voor vergroting]

Besloten wordt een steenrug te storten met een breedte van 25 meter en een hoogte tot 3,50 m. beneden N.A.P. De bezinking wordt zijdelings nog wat uitgebreid; de steen-aanvoer wordt van 500 ton per week gebracht op 3000 ton per week. ' De uitspoeling voor den noordelijken kop heeft zich inmiddels verdiept tot 9.00 m. - N.A.P. Het volgende giertij brengt moeilijkheden. Er wordt weer een diepte van 16.00 meter gepeild. Op den 2en October om 13 uur, 20 minuten wordt de dynamietlading op de bodems van de lntermediates tot explosie gebracht.  In enkele seconden is het gebeurd; het gat is geblokkeerd. Nog een beetle wordt ingevaren en tot zinken gebracht om een opening tusschen den noordelijken kop en de blokkade op te vullen. De pers juicht: ,,Westkapelle dicht" ; maar heelemaal juist is dit niet. Elk tij stroomt het water nog tusschen de betonnen elementen in en uit.

Met de hand worden de zware steenen naar het gat gedragen. Vanaf steenschepen wordt een steenrug voorlangs gestort. Nu wreekt zich de afwezigheid van de kleikraan. Met zakken zand moet een dam over de pontons worden gelegd. Moeizaam moet zak voor zak daar naar toe worden gedragen. Onderwijl perst de H.A.M. no. 3 zand, zand en nog eens zand, voornamelijk aan de binnenzijde oogenschijnlijk zonder succes. Den 10en October wordt besloten den zandzakkendam in één tij dicht te leggen. Duizenden zakken zijn tevoren gevuld en inderdaad gelukt het in één ruk een dam te vormen van 5 meter breed tot een hoogte van 3.00 meter boven N.A.P.

Op Maandagmorgen liet hij een kipkarrenspoor leggen, vanaf de kerk tot de caissons. De Westkappelaars reden het puin van hun Godshuis weg, en stortten het bij eb achter in de gleuven. De kolkende stroom spoelde het onder de caissons door naar de zeekant. Daar lag de lekkende  stenen dam, gestort uit grove brokken. Het ebwater ramde de stukken puin in de gaten. Het lekken werd minder en het zand begon langzaam te stijgen. Klagemans kreeg weer hoop. Hij staarde grijnzend omlaag in de schallende afgronden, tussen de caissons. Nu was het woeste ebwater zijn slaaf en zijn stenensjouwer. Het sloofde zich uit, en het kostte niks. En hoe harder het schuimde, des te eerder worgde het zichzelf.

Uit: Het verjaagde water

En eindelijk, op den 12en October, om 4 uur 45 minuten kan het bericht de wereld in: ,,Westkapelle is dicht" ! Er volgt nu een periode van zandspuiten, kleibekleeding aanbrengen, steenbekleeding maken. Na enkele weken zijn de pontons onder zand en klei bedolven, de verdiepingen bij het sluitgat volgespoten. En eind October zit er voldoende zand in het dijklichaam om er het voorgeschreven profiel mede te maken. In de loop van november werd begonnen met het opspuiten van een strand, terwijl tevens ter breking van de golven, na proefnemingen in het Waterloopkundig Laboratorium, bij de zuidelijke kop van de oude zeewering vier zogeheten Phoenix-caissons, elk 62 meter lang, 12 meter breed en 12 twaalf meter hoog, tot zinken werden gebracht.

Bron: Zeeland in bewogen jaren

Westkapelle DDW 1945 Westkapelle dijkaanleg2 1946 1945 Westkapelle dijkherstel
De mensen van Dienst Droogmaking Walcheren (DDW) Dijkherstel met caissons Zinkstuk en kleikraan

[Klik op foto voor vergroting] Bekijk hier de detailkaart van de herstelde dijk.

 

Terug hoofdpagina2