Stützpunkt Groede

Het terrein, dat opvallend gelegen is in het vlakke land, is ontstaan vanaf 1942. Toen werd een stuk landbouwgrond door de bezetter onteigend om er bunkers op te zetten die onderdeel uitmaakten van de Atlantikwall. De bunkers in dit Duitse Stützpunkt zijn in twee periodes gebouwd. De eerste periode was die van de pre-Atlantikwall. In deze periode werden veel verstärkt feldmässige Ausbau (v.f.) bunkers in de kustgebieden gebouwd waarvan er twee in Stp. Groede uit die beginperiode zijn.
Daarna volgde de Ständiger Ausbau (St.) In deze Ständiger Ausbau had elk type bunker een eigen nummer en uitgebreid bouwplan. Van dit soort bunkers zijn er negen in Stp. Groede gebouwd. De bouwnummers die aan de ingangen van een aantal bunkers te lezen zijn werden in de loop van de oorlogsjaren aangepast. Deze omnummering gebeurde ook met de bunkers in Breskens. Eén van de bunkers van het type 134 S (Sanitätsunterstand) in Stp. Groede met de naam ‘Moselland” is een aangepaste versie en de enige op deze manier gebouwde bunker in Zeeland. De doorlopende gang is 40 cm. breder en de toegangen naar de kamers zijn afgevlakt. Door deze aanpassing was het mogelijk om met een brancard de bunker binnen te komen. Groede was ook een Rode Kruisdorp.  De twee kazematten van het type 669 werden eind 1943 gebouwd.
Het gehele bunkerdorp betrof een elftal bunkers, die gegroepeerd lagen als betrof het een klein dorp, compleet met straten en grasperkjes. De bunkers werden gecamoufleerd als huisjes en kregen ook bijpassende namen als Villa Saarland en Villa Freundlich. Vriendelijk was het er echter niet, want er was een aanzienlijke hoeveelheid artillerie opgesteld. Het bunkercomplex behoorde tot de 3e batterij van de Artillerie Abteilung 642 en was op het laatst uitgerust met vier 10.5 cm K 35 (t) kanonnen met een reikwijdte van ruim 18 km en vier mortierposities. In Groede bevond zich een regionaal hoofdkwartier.
Op 25 oktober 1944 viel het bunkerdorp in handen van de 7e Canadese Infanteriebrigade die aanvankelijk in de waan verkeerde een gehuchtje te hebben ingenomen.