Oost Zeeuws-Vlaanderen

Ondertussen probeerde generaal Von Zangen van het 15e leger zijn troepen over de Schelde te zetten. Hiertoe gebruikten zijn troepen drie havens, te weten Doel, Terneuzen en Breskens. Het overzetten stond onder leiding van de Kriegsmarine. Het was zaak de havens en de Scheldemonding zo lang mogelijk in handen te houden. Dit is de reden waarom er bij Axel door de Duitsers een achterhoedegevecht werd geleverd dat vier dagen zou duren. Ze probeerden zolang mogelijk de capaciteit van de haven van Terneuzen te gebruiken bij het overzetten van de troepen. De Duitse troepen bij Axel waren een allegaartje. De Poolse opmars werd echter bemoeilijkt door de inundaties(land onder water) en de eerste pogingen van de Polen om Axel op 17 september 1944 te veroveren werden bloedig afgeslagen. Op 19 september 1944 lukte het de Polen onder dekking van de mist Axel te veroveren. Op 20 september 1944 wordt Terneuzen bevrijd. In Breskens gaat het overzetten van troepen tot 22 oktober 1944 door. In totaal ontsnapten 86.100 man, 616 kanonnen, 6200 paarden en 6222 voertuigen.


Alligators-Terneuzen Britse-mijnenvegers-Terneuzen ZeeuwsVlaanderen-geschutcamouflage
Alligators in Terneuzen Britse mijnenvegers bij Terneuzen Gecamoufleerde geschutsopstelling

17 september namiddag passeerde het 8th Polish Infantry Battalion (8th Pol. Inf. Bn.)de grens bij Clinge. Voorzichtig geworden door eerdere ervaringen werden vervolgens plannen gemaakt opnieuw een bruggenhoofd over het Zijkanaal naar Hulst te vormen, nu pal ten zuiden van Kijkuit. Aansluitend diende de genie met prioriteit een Baileybrug te slaan. Met steun van het 10th Pol. Mtd. Rif. Regt. werd het kanaal tegen 16.00 uur opnieuw overgestoken, maar door de geboden Duitse tegenstand duurde het tot de volgende ochtend voordat de brug gereed was. Onmiddellijk werd van de brug gebruik gemaakt en het bruggenhoofd door de verkenners vergroot. Toch bleef de situatie ter plaatse instabiel want toen het 8th Pol. Inf. Bn. de aanval wilde voortzetten, bleek dat de brug nog steeds onder Duitse waarneming lag. Door beschietingen die volgden, werden namelijk enige voertuigen geraakt zodat deze de doorgang versperden. Pas in de avond konden de wrakken verwijderd worden en kon een gemotoriseerde opmars in noordelijke richting begonnen worden.

Daarna was het de beurt aan de Jagers van Podhale die Axel tot doel hadden gekregen. Gefaseerd overschreed het bataljon de brug in meerdere gevechtsgroepen. AI spoedig kwamen hen enige soldaten tegemoet die zich al vanaf 16 september hadden verstopt nadat zij daar eerder waren afgesneden. De opmars naar Axel verliep verder voorspoedig zodat de plaats nog in de middag van 19 september werd bereikt. Tijdens schermutselingen die daarop volgden werden 80 Duitse soldaten gevangen genomen en was Axel bevrijd. Sluiskil werd tegen de avond bereikt, maar niet gezuiverd.

De Poolse doorbraak bij Kijkuit had tot gevolg dat de Duitse weerstandslijn tussen Axel en de oostrand van Terneuzen onhoudbaar werd. Daarom liet Gen.Lt. Neumann zijn G.R.745 in de loop van de nacht verplaatsen, nu naar de westzijde van het kanaal van Gent naar Terneuzen. Bij Sluiskil sloot het regiment aan op het G.R.732. In de nacht van 20 op 21 september trok de divisie zich met al haar materieel terug door het geïnundeerde gebied via Boekhoute naar West-Zeeuws-Vlaanderen. Vergeefs trachtten de Canadezen de manoeuvre met hun artillerie te verstoren. Het gros van de divisie dat via West-Zeeuws-Vlaanderen ontsnapte, werd vanaf Breskens naar Vlissingen overgevaren en met treinen verplaatst naar 's-Hertogenbosch.
Bron: Vlucht en bevrijding


kkaartje16september Zaterdag 16 september 1944
In Axel komen die 16e september de eerste Poolse granaten neer. Het gemeentehuis wordt getroffen en enkele huizen gaan in vlammen op. De daaropvolgende dagen gaan de beschietingen door, twintig burgers komen om. Burgemeester Van Oeveren schrijft na afloop aan de inwoners van zijn gemeente: ,,Wat hebben we van dichtbij de oorlog beleefd. Als praehistorische holbewoners (hebben we) onder de aarde vertoefd. Fluitende granaten gingen over ons en sloegen in onze nabijheid in, het geknetter van mitrailleurvuur vervulde onze straten.’’ In diezelfde nacht van 16 op 17 september komen de eerste granaten in Zaamslag neer. Ook Hulst ligt onder vuur, de toren van de Sint Willibrordusbasiliek wordt weggeschoten.
kaartje 19-9 Dinsdag 19 september 1944
De ochtend van dinsdag 19 september lijkt het alsof de tot dan sterke weerstand van de Duitsers in Oost-Zeeuws-Vlaanderen is gebroken. De Duitse legerleiding krijgt bericht dat de toestand voor hun militairen ‘überrasschend schnell’ verslechtert, en dat complete legeronderdelen terugtrekken richting Terneuzen. Die Duitse informatie klopt. In het begin van de middag trekken Poolse militairen Axel binnen. Ze delen, zoals dat bevrijders betaamt, chocolade en sigaretten uit. Er is blijdschap, maar geen euforie, de beschietingen van de voorgaande dagen hebben de vreugde getemperd. ,,Luidruchtig blij konden we niet zijn’’, zegt de burgemeester later. Veertig burgers zijn omgekomen, en de schade aan huizen en andere gebouwen is groot.
Axelaar Johan de Brouwer is die dag 9 jaar. Hij vertelt: ,,Het had allemaal nog veel erger kunnen zijn, als de Poolse militairen er niet in waren geslaagd in de nacht van 18 op 19 september een brug over het kanaal Axel-Hulst te slaan. De strijd om Axel duurde al een paar dagen. Vliegtuigen stonden klaar om een bombardement uit te voeren op Axel, maar de Polen waren dat gelukkig voor.’’
kaartje 29-9 Donderdag 21 september 1944
In de nacht van 19 op 20 september zoeken inwoners van Terneuzen de schuilkelders op, de stad ligt onder zwaar geallieerd granaatvuur. ’s Ochtends is het angstig stil op straat: de meeste Duitsers zijn weg, de Polen zijn nog niet gearriveerd. Tegen 12.00 uur rijden er drie Bren-gun carriers in de Axelse straat. Maar die trekken zich terug als ze worden beschoten door enkele achtergebleven Duitse militairen. Vervolgens wordt de stad nog eens beschoten. In de loop van de middag verschijnt er een colonne met tanks en jeeps. Een leraar van de Rijks-HBS schrijft: ,,De wagens werden zoodra ze stilstonden bestormd. Chocola en cigaretten werden al spoedig rondgedeeld, ik rookte met veel welbehagen een Players Navy Cut.’’
Op donderdag 21 september valt Philippine in geallieerde handen. Bij hun terugtocht hebben de Duitsers nog de kerktoren opgeblazen. Met Philippine is heel Oost-Zeeuws-Vlaanderen bevrijd. De Duitsers hebben nooit het plan gehad om die regio tot de laatste man te verdedigen. Ze zijn nu volledig teruggetrokken in West-Zeeuws-Vlaanderen, waar ze zich wel met hand en tand willen verzetten. Ze verschansen zich achter de Braakman en het Leopoldkanaal. De verovering van Oost-Zeeuws-Vlaanderen is betrekkelijk snel en gemakkelijk gegaan, in een tijdsbestek van vijf dagen. De Polen hebben 75 militairen verloren, het merendeel waarschijnlijk bij de gevechten bij Kijkuit. Er zijn 191 gewonden, en 75 militairen worden vermist. Er zijn 1173 Duitsers krijgsgevangen gemaakt.

CND bouchauterhaven terrapin gewonden terneuzen 131044 ZVL transport pows

November 1944: Bouchauterhaven; gewondentransport en transport van Duitse krijgsgevangenen (klik voor vergroting)


Op 19 september komen de Polen Axel binnen, maar de Duitsers geven zich nog niet gewonnen. In de straten worden man-tegen-man-gevechten geleverd. Aan het einde van de dag blijkt dat er niet alleen meer dan zevenhonderd huizen zijn verwoest of beschadigd,maar ook dat er dertig inwoners zijn omgekomen. Terneuzen wordt het laatst bevrijd in het oostelijk deel van Zeeuws-Vlaanderen De havenstad aan de Westerschelde is al vanaf 10 september, de dag dat Breskens zo fataal is getroffen, door Engelse vliegtuigen beschoten. En hoewel de meest bommen hier op het juiste doel - de haven en de Duitse schepen - terecht komen, komt er af en toe ook een verdwaalde bom in een straat terecht. Daarom zijn veel inwoners de polder ingevlucht, onder meer naar de even ten oosten van Terneuzen gelegen buurtschap Othene, in de volksmond 'Noten'. Als op 20 september de mare de ronde doet dat de Polen vanuit Zaamslag in aantocht zijn, loopt iedereen naar buiten. Dan gebeurt het drama. Plotseling klinkt er granaatvuur; overal stof en puin en schreeuwende mensen. Wat is er gebeurd? Een geallieerd verkenningsvliegtuig heeft op de dijk bij Othene een concentratie van mensen gezien. De verkenner heeft helaas niet in de gaten dat het opgetogen Zeeuws-Vlamingen zijn in afwachting van hun Poolse bevrijders. Hij denkt terugtrekkende Duitsers te zien en seint dat door naar de Poolse artillerie. Die opent meteen het vuur op Othene. Uiteindelijk zullen twaalf Zeeuws-Vlamingen, die dachten bevrijd te worden, hun leven verliezen door Pools granaatvuur; zeven uit Othene en vijf evacués uit Terneuzen. Heel Othene loopt een paar dagen later uit bij de begrafenis. Een bevrijdingsfeest zal er in de buurtschap daarna nooit gevierd worden, daarvoor is de herinnering aan de bewijding te wrang.

Bron: Verjaagd door vuur en water


Bevrijd betekent nog niet veilig. Daarom evacueren de Canadezen de burgers zoveel mogelijk naar Oost-Zeeuws-Vlaanderen. Gijs van der Ham schrijft het in Zeeland 40-45 zo : ,,Onder leiding van soldaten moesten de bewoners van Driewegen bijvoorbeeld via Biervliet naar de oever van de Braakman lopen, onderwijl dode paarden en dode soldaten passerend en in sloten schuilend voor overkomende jachtvliegtuigen. Daar aangekomen werd iedereen in Buffaloes naar de overkant gebracht.’’ Zo wordt deze en ook de volgende dagen een duizendtal inwoners ‘onder Duits vuur’ naar het oostelijk deel overgebracht. Het Casino in Sluiskil was het eerste opvangoord, vandaar wordt men elders in de regio ondergebracht, meestal niet langer dan enkele dagen. Iets zuidelijker van Driewegen, bij de Isabellasluis en Watervliet (B), worden eveneens successen geboekt. Na zware verliezen te hebben geleden trekken de Duitsers zich daar terug in de vroege ochtend van de 14e oktober. Zo slagen de achtste brigade en het Algonquin regiment erin om contact met elkaar te maken. Een strategisch belangrijke winst, want nu kan West-Zeeuws-Vlaanderen vanuit het oostelijk deel over land worden bevoorraad via de weg Philippine-IJzendijke. Tanks en ander zwaar materieel kunnen nu in de strijd worden geworpen.
Bron: Slag om de Schelde

O ZVL sept1944

Terneuzen werd al direct na de bevrijding bestookt met granaten vanuit Ellewoutsdijk. De projectielen vielen hoofdzakelijk in de buurt van de oost- en de westkolk. Vanaf deze kant werd de Duitsers een antwoord gegeven. De eerste granaten die ze afschoten vielen in de Schelde, maar ze konden zelf zien hoever ze mis schoten aan het opspattende water. Naar het schijnt hadden ze een uitkijkpost op de kerktoren van Ellewoutsdijk. Deze werd dan ook van hieruit op 19 oktober in brand geschoten. Hun granaten vielen in de kolk, de haven, op de markt en op Java. In de Kazernestraat vielen nog gewonden en een dode. Er zaten veel z.g. blindgangers tussen welke niet ontploften. Niettemin was het erg gevaarlijk om in die omgeving te vertoeven.
Lees ook:
Tijdlijn Terneuzen e.o. - 2 tot en met 19 september

Bron: Vijf woelige jaren


Zws Vlaander evacuatie Zws Vlaander zoeken tussen puin Zws Vlaander1944

Op 3 november 1944 tussen 1 en 2 uur na de middag verschenen de eerste mijnenvegers op de Schelde. Het waren er 26 in getal. Zes ervan liepen de haven van Terneuzen binnen. Het belang van een vaarweg als de Schelde, was door de Duitsers steeds onderkend. Daarom hadden ze de laatste dagen gedurig mijnen in de Schelde gelegd. Aan de talrijke ontploffingen te horen lagen er heel wat. Telkens weer gooiden ze nieuwe mijnen, zodat het vegen gestadig moest geschieden. Daarom werd te Terneuzen een flottielje ,,minesweepers" gestationeerd. Hier bevonden zich enkele Nederlanders onder. Op 8 november gebeurde er een ongeluk bij het mijnenvegen. Er vloog een Engelse mijnenveger de lucht in omdat ze op een miin voer. De gehele bemanning, op twee na, kwam om het leven. De slachtoffers werden allen in Terneuzen op de Algemene Begraafplaats ter aarde besteld. De jeugdige J. van der Peijl, wiens vader eveneens in de oorlog op zee gesneuveld was, legde bloemen op het graf.
De particuliere scheepvaart. met name het overzetten van terug naar Zuid-Beveland kerende evacuee's. werd tijdeliik verboden. Dit was in verband met het grote aantal mijnen, wat de Schelde bijzonder gevaarlijk maakte. Op 26 november voer het eerste convooi sehepen op de Schelde in de richting van Antwerpen. Met al die schepen was het een drukte van belang. Zelfs voor de oorlog was het nog niet zo druk geweest, als dat het nu was. Antwerpen was ook de belangriikste ader voor de aanvoer van oorlogsmateriaal (met Libertyschepen) en voedsel voor de militairen. Voor Terneuzen bracht deze vaart ook weer extra drukte mee. omdat de hele loodsdienst hier was ondergebracht.
Bron: Vijf woelige jaren