Strijd om de Sloedam

De Sloedam was moeilijk te nemen. De dam was een kale dijk van meer dan een kilometer lengte. In die tijd bevonden zich aan weerskanten van de dijk slechts schorren en slikken. De Duitsers zaten op Walcheren verschanst in betonnen bunkers en hadden langs de spoordijk tanks en antitankgeschut ingegraven. Op 31 oktober startte de "Black Watch of Canada" de aanval en de soldaten rukten op onder zwaar Duits vuur. Tot op 70 meter voor de kust van Walcheren geraakten ze, toen stokte de opmars en moesten de mannen terug. 's Avonds deed een ander bataljon, de "Calgary Highlanders", een poging. Ook tevergeefs. De volgende morgen probeerden de Canadezen het opnieuw, nu met ondersteuning van artillerie. Dit keer lukte het wel en wisten ze voet op Walcheren te krijgen, maar een nachtelijke tegenaanval van Duitse zijde joeg ze weer terug.
Uiteindelijk wist het laatste Canadese bataljon tot Walcheren door te dringen en daar een bescheiden bruggehoofd te vormen. Daarna nam de Britse 157ste brigade de aanval over en moest op 2 november al een Duitse tegenaanval afslaan. Maar hulp uit onverwachte bron diende zich aan: de verzetsman Kloosterman uit Nisse wist een manier om de Sloe ten zuiden van de Sloedam over te steken. Nadat verkenningen waren uitgevoerd en mijnen geruimd, werd in de nacht van 2 op 3 november, met stormboten en wadend door het lage water, een oversteek gemaakt. Op deze manier wist de 156ste brigade de Bijleveldpolder te bereiken en de Duitsers daar volkomen te verrassen. Op 4 november maakten deze troepen contact met de 157ste brigade in het bruggehoofd bij de Sloedam en was het ergste leed geleden. 's Avonds was er een bruggehoofd gevormd van vier bij twee kilometer en kon de opmars naar Middelburg beginnen.

Bron: Go2War2


Stützpunkt Scharnhorst oostzijde Sloedam

Begin 1944 werd Stutzpunkt Scharnshorst bevolkt door militairen van de 70e infanteriedivisie. Zij waren uit Duitsland aangevoerd en hadden weinig of geen gevechtservaring. Het bijzondere was dat deze militairen bijna allemaal maagpatient waren. De beste militairen waren naar het Oostfront gestuurd. Hitler verkoos de qua kwaliteit 'mindere' militairen in West-Europa te stationeren. Dit kwam voort uit het feit dat de totale oorlogsvoering steeds hogere eisen aan Duitsland ging stellen. Veel maaglijders waren door hun kwaal niet te handhaven in een normale gevechtseenheid. Om het moreel hoog te houden werden in de 70e infanteriedivisie tevens fanatieke SS-ers ingezet. Vaak waren ook zij te gehandicapt (door verwondingen) om nog langer aan het oostfront te worden ingezet. De 70e infanteriedivisie kwam al snel bekend te staan als de Magenkrankendivision of Weissbrotdivision (naar het wittebrood dat onderdeel was van hun dieet.) Men bundelde deze groep militairen omdat dit organisatorische voordelen had. Vooral op het gebied van voedselvoorziening en medische hulp. Achteraf moet men vaststellen dat deze divisie zich tijdens gevechtshandelingen nog redelijk heeft geweerd. Deze divisie heeft de geallieerden op Zuid-Beveland nog enige tijd kunnen tegenhouden en de toegang tot Walcheren bij de Sloedam is zeer hardnekkig verdedigd.
Bron: Arnehistorie

Sloedam1-k Sloedam3-k Sloedam4-k

Een andere bron meldt:

De aanval op de Sloedam werd op 31 oktober geopend met een aan zelfmoord grenzende stormloop door de Black Watch of Canada die dan ook hopeloos vastliep voor ze het einde van de dijk bereikt hadden. De volgende dag, 1 november, poogde de Galgary Highlanders de overzijde te bereiken, maar ook zonder resultaat. Op 2 november was het de beurt aan Le Régiment de Maisonneuve. Deze wisten met D Company, onder commando van Capt. Camille Montpetit een klein bruggenhoofd te vestigen op Walcheren. In de middag werden de Frans-Canadezen afgelost door het 1st Battalion The Glasgow Highlanders, onder commando van Lt.-Col. William I. French. De strijd om de Sloedam, tussen 31 oktober en 5 november, had het leven gekost aan vijfenveertig Canadezen en negentien Britten.
Divisiecommandant Hakewill Smith liet, met succes, verkenningen uitvoeren in het zuiden van de Sloe ter hoogte van Nieuwdorp, door 202nd Field Company Royal Engineers. Hij wilde niet langer dat het ene na het andere bataljon afgeslacht werd door over de kale Sloedam te trekken. In de nacht van 2 en 3 november werd een landing uitgevoerd onder de naam Operation Mallard in het Sloe door het 6th Battalion The Cameronians, onder commando van Lt.-Col. A. Ian Buchanan-Dunlop. Het was zwaar ploeteren door de vette klei en slik van het Sloe voor de soldaten die na een kilometer pas droog land bereikten. Later werden versterking aangevoerd in de vorm van het 5th Battalion Highland Light Infantry en konden deze eenheden op 5 november contact maken met de Glasgow Highlanders bij de Sloedam.
Terwijl de Glasgow Highlanders de Sloedam bewaakten, ging de 6th Highland Light Infantry ten noorden daarvan in reserve. De 5th Highland Light Infantry rukte op via Nieuwland (waar eerst nog een raketaanval van Typhoons werd uitgevoerd) naar Oudekerk en verder naar Fort Rammekens. Op 5 november om 13.00 uur was er door de Duitse commandant, die het bevel voerde over Fort Rammekes, gevraagd om een wapenstilstand. Lt.-Col. Rose van de 5th HLI liet om 14.10 uur weten dat er alleen ruimte was voor totale overgave, zoniet, dan zou er een artillerie barrage op het fort komen. De Duitse commandant kreeg twee uur bedenktijd, en om 16.00 uur koos deze eieren voor zijn geld en gaf zich met zijn manschappen over.


sloedam-monument

sloedam

Sloedam6-k

Het Tweede Canadese leger met Poolse en Britse strijdkrachten onder zijn commando, kreeg in oktober 1944 de opdracht om beide oevers van de Scheldemond vrij te maken van Duitse strijdkrachten. De hevige gevechten in het gebied dat onder water gezet was om Breskens, Zuid-Beveland en Walcheren in handen te krijgen, deden denken aan de modderige slagen om kleine stukje sland die zo kenmerkend waren voor de Eerste Wereldoorlog. Het Canadese succes bij het verdrijven van de vijand uit het Scheldegebied - waardoor de geallieerden gebruik konden maken van de uiterst belangrijke Antwerpse haven - betekende het begin van de bevrijding van Nederland en de definitieve nederlaag van Duitsland in mei 1945.
(Tekst op de plaquette op een van de monumenten op de voormalige Sloedam)


Remembrance

On the 6th of October 2008, near the Sloedam causeway, a new Industrial Railway through the South Sloe between Walcheren and South-Beveland was opened. Part of the project is a viaduct across the motorway A 58. I suggested the name "Mallard Viaduct" and I was truly honoured that this name was finally chosen by the Dutch railway company Pro Rail. On the 3rd of November 1944, after the exhausted Canadian 5th Brigade had failed to capture the Sloedam Causeway, the Scottish 52nd Lowland Division made a very difficult crossing, partly in boats and partly (about 750 meters!) by foot through very muddy salting. That operation was called 'Operation Mallard'. Unfortunately this critical operation has been almost forgotten, even at the annual November Remembrance ceremonies .. By naming this viaduct 'Mallard' more justice will be done to the remembrance of the brave men who fought and died there!

Bron: Wigard.nl

Mallardviaduct exhortation